We praten veel over grenzen.
Over nee zeggen.
Over stoppen met pleasen.
Over mensen die te veel van ons vragen.
Over die collega die altijd nog iets op je bord legt. Die vriendin die blijft trekken. Die klant die om 22u nog antwoord verwacht. Die partner die ervan uitgaat dat jij het wel oplost.
En terecht.
Maar er is één persoon die opvallend vaak ontbreekt in dat hele gesprek over grenzen.
Jijzelf.
Want misschien worden sommige van je belangrijkste grenzen helemaal niet door anderen overschreden.
Misschien doe je het zelf.
Elke dag een klein beetje.
Je weet perfect waar je grens ligt
Je weet dat je slaap nodig hebt.
En toch blijf je nog een uur scrollen.
Je zegt dat je sterker wilt worden.
Maar iedere keer dat je geen zin hebt om te trainen, maak je opnieuw de afspraak met jezelf bespreekbaar.
Je wilt minder drinken.
Tot er wijn op tafel komt.
Je wilt eindelijk werk maken van dat idee.
Maar eerst nog dit. En dat. En volgende week begin je écht.
Je wilt meer rust in je leven.
Maar zodra er een lege plek in je agenda verschijnt, prop je ze zelf weer vol.
En dat is het interessante:
niemand heeft je grens overschreden.
Jij hebt ze zelf verplaatst.
We noemen het vrijheid. Maar is het dat wel?
“Ik moet toch ook kunnen genieten.”
“Ik voel het vandaag niet.”
“Ik begin maandag.”
“Eén keer maakt toch niet uit?”
“Vandaag heb ik het echt te druk.”
Natuurlijk maakt één keer niet uit.
Het probleem is zelden die ene keer.
Het probleem begint wanneer iedere uitzondering zo logisch klinkt dat je uiteindelijk geen regel meer overhoudt.
En precies daar verwarren we vrijheid soms met vrijblijvendheid.
Vrijheid betekent voor mij niet:
ik doe op ieder moment waar ik zin in heb.
Vrijheid betekent ook:
ik kan kiezen wat belangrijk voor me is en mezelf daar vervolgens aan houden.
Ook wanneer mijn humeur even iets anders wil.
Grenzen aan jezelf zijn geen straf
Bij discipline denken veel mensen nog altijd aan streng zijn.
Hard.
Controlerend.
Alles moeten.
Maar misschien kijken we er verkeerd naar.
Stel dat jij tegen een vriendin zegt:
“Om zeven uur sta ik aan je deur.”
En je komt iedere keer pas om half negen opdagen.
Zonder iets te laten weten.
Op een bepaald moment gelooft ze je niet meer.
Logisch.
Maar kijk eens hoe vaak we precies dat bij onszelf doen.
Morgen ga ik sporten.
Morgen sta ik vroeger op.
Vanaf nu ga ik mijn prijzen serieus nemen.
Ik ga eindelijk tijd maken voor dat project.
Ik stop met overal ja op zeggen.
Ik ga beter voor mezelf zorgen.
En vervolgens komt morgen.
En we onderhandelen opnieuw.
Op een bepaald moment gelooft je eigen hoofd je ook niet meer
Dat vind ik misschien wel het pijnlijkste stuk.
Iedere keer dat je iets met jezelf afspreekt en het zonder goede reden weer laat vallen, gebeurt er ogenschijnlijk niets.
Niemand ziet het.
Niemand spreekt je erop aan.
Maar jij registreert het wel.
Er ontstaat langzaam een verschil tussen:
wat jij zegt dat belangrijk voor je is
en
wat je gedrag laat zien dat belangrijk voor je is.
En dát is waarom ik discipline zo sterk aan zelfrespect koppel.
Niet omdat een gedisciplineerd mens beter is dan iemand anders.
Maar omdat er iets ongelooflijk krachtigs gebeurt wanneer je jezelf weer begint te geloven.
Wanneer je zegt:
dit ga ik doen.
En je doet het.
Motivatie is een slechte baas
Motivatie is fantastisch.
Als ze aanwezig is.
Maar motivatie heeft nogal diva-gedrag.
Ze komt wanneer ze goesting heeft en verwacht vervolgens dat de hele planning zich aan haar aanpast.
Dus als je alleen doet wat belangrijk voor je is wanneer je gemotiveerd bent, geef je je stemming behoorlijk veel macht over je leven.
Je hoeft niet iedere ochtend enthousiast wakker te worden om iets belangrijk te vinden.
Je hoeft geen zin te hebben om te trainen om toch te gaan.
Je hoeft geen zin te hebben om een moeilijk gesprek te voeren om te weten dat het nodig is.
Je hoeft je niet geïnspireerd te voelen om je woord aan jezelf te houden.
Soms is:
“ik heb het met mezelf afgesproken”
voldoende.
Stop met alles iedere dag opnieuw te beslissen
Dit is waar grenzen aan jezelf zo krachtig worden.
Ze halen de dagelijkse onderhandeling eruit.
Als jij iedere avond opnieuw moet beslissen hoe laat je naar bed gaat, heb je 365 onderhandelingen per jaar.
Als je iedere training opnieuw beslist of je voldoende zin hebt, geef je jezelf honderden ontsnappingsroutes.
Als je iedere keer opnieuw bepaalt hoeveel respect iemand voor jouw tijd moet hebben, heb je eigenlijk geen grens.
Een grens maakt een deel van die discussie overbodig.
Dit is wat ik doe.
Dit is wat ik niet meer doe.
Dit is waar ik mezelf aan houd.
Niet obsessief.
Niet rigide.
Maar bewust.
Maak van je grens gedrag
“Vanaf nu ga ik beter voor mezelf zorgen” klinkt prachtig.
Maar je kunt er morgenochtend helemaal niets mee.
Een grens wordt pas krachtig wanneer ze zichtbaar wordt in gedrag.
Dus niet:
ik wil meer rust.
Maar:
na 20u beantwoord ik geen werkberichten meer.
Niet:
ik wil fitter worden.
Maar:
maandag, woensdag en vrijdag train ik.
Niet:
ik wil minder afgeleid zijn.
Maar:
wanneer ik aan mijn belangrijkste taak werk, ligt mijn telefoon in een andere kamer.
Niet:
ik wil mezelf serieuzer nemen.
Maar:
wanneer ik iets met mezelf afspreek, verander ik die afspraak niet alleen omdat ik vandaag minder goesting heb.
Hoe concreter de grens, hoe minder ruimte je brein krijgt om er een juridisch proces van drie uur van te maken.
Maar Fran, moet alles dan zo streng?
Nee.
Een grens is geen gevangenis.
Je mag ziek zijn.
Je mag moe zijn.
Je mag van gedachten veranderen.
Je mag ontdekken dat een doel helemaal niet meer bij je past.
Je mag op vakantie leven alsof je agenda tijdelijk overleden is.
Het verschil zit voor mij ergens anders.
Pas je bewust iets aan omdat je situatie veranderd is?
Of:
laat je jezelf opnieuw van de haak omdat het even ongemakkelijk wordt?
Dat zijn twee totaal verschillende dingen.
Flexibiliteit is kracht.
Maar jezelf bij iedere weerstand een achterdeur geven is geen flexibiliteit.
Dat is een patroon.
Kijk eens waar jij jezelf steeds toestemming geeft
Misschien zit jouw grens niet bij sporten.
Misschien zit ze bij geld.
Je zegt dat je financieel wilt groeien, maar durft je prijs niet te vragen.
Misschien zit ze bij werk.
Je zegt dat je meer ruimte wilt, maar bent zelf degene die iedere lege plek weer volplant.
Misschien zit ze bij relaties.
Je weet precies welk gedrag je niet meer wilt accepteren, tot je bang wordt iemand kwijt te raken.
Misschien zit ze bij je dromen.
Je zegt al drie jaar dat je iets wilt beginnen, maar geeft alles en iedereen voorrang voordat jij aan de beurt bent.
En dan komt een confronterende vraag:
wat als je probleem niet is dat je niet weet wat je nodig hebt?
Wat als je het eigenlijk dondersgoed weet?
Maar jezelf nog te vaak toestemming geeft om er niet naar te handelen?
Kies één grens die vanaf vandaag niet meer onderhandelbaar is
Geen lijst van zeventien nieuwe regels.
Eén.
Welke afspraak met jezelf zou, als je ze de komende drie maanden daadwerkelijk nakomt, het grootste verschil maken?
Schrijf ze op.
Maak ze concreet.
En bepaal vooraf wat je doet op het moment dat je normaal zou afhaken.
Bijvoorbeeld:
Als ik thuiskom en geen zin heb om te trainen, trek ik toch mijn sportkleren aan en begin ik met tien minuten. Daarna mag ik opnieuw beslissen.
Of:
Als iemand mij iets vraagt waarop ik niet onmiddellijk wil antwoorden, zeg ik dat ik erop terugkom in plaats van automatisch ja te zeggen.
Of:
Als ik merk dat ik mezelf weer kleiner maak om de sfeer goed te houden, spreek ik uit wat ik werkelijk vind.
Want je grens wordt niet zichtbaar wanneer alles gemakkelijk gaat.
Je grens wordt zichtbaar op het moment waarop het makkelijker zou zijn om ze weer te verplaatsen.
Misschien is dit wat zelfrespect óók is
Niet alleen jezelf graag zien.
Niet alleen rust nemen.
Niet alleen kiezen voor wat goed voelt.
Maar jezelf serieus genoeg nemen om te handelen naar wat je zegt dat belangrijk voor je is.
Je eigen nee respecteren.
Maar ook je eigen ja.
Je eigen plannen.
Je eigen lichaam.
Je eigen dromen.
Je eigen afspraken.
Want uiteindelijk kun je de prachtigste grenzen ter wereld leren stellen aan andere mensen.
Maar als jij degene bent die iedere dag opnieuw over je eigen grenzen heen stapt, blijft er nog altijd iemand over die moet leren luisteren.
Jij.
Dus misschien hoef je vandaag niet te vragen:
waar moeten anderen mijn grenzen beter respecteren?
Misschien is de interessantere vraag:
welke grens verwacht ik van anderen, terwijl ik ze zelf nog iedere dag met mijn voeten treed?
Dat is geen comfortabele vraag.
Maar het zou zomaar eens een belangrijke kunnen zijn.
DROOMWIJF®
Luister ook naar de Droomwijf Podcast voor de reeks over grenzen stellen, leiderschap en de afspraken die je met jezelf maakt.